Afgelopen week maakte het kabinet bekend dat het -ondanks forse kritiek van de Raad van State- het wetsvoorstel met het boerkaverbod gaat indienen bij de Tweede Kamer. Onze nieuwe minister Spies heeft volgens mijn krant gezegd dat het heel belangrijk is.
Maar belangrijk waarvoor?
Voor onze veiligheid kan het niet wezen, want in vliegtuigen en op het vliegveld zijn boerka's wel toegestaan (je zou de economische belangen van Schiphol eens mogen schaden), en dat zijn de meest terorisme-gevoelige plaatsen die ik ken.
Om op te komen voor onderdrukte vrouwen dan? Een loffelijk streven, maar ik vind het nogal een vreemde gedachtenkronkel om dat te doen door het slachtoffer van vrouwenonderdrukking te gaan bestraffen. Ik geef jou een boete omdat jij je laat onderdrukken. Huh? Dat is net zoiets als het straffen van een vrouw omdat ze verkracht is. Iets wat ze overigens in sommige landen doen.
Slachtoffers bescherm je niet door ze te straffen, maar door ze rechten te geven, en door daders te straffen. Ik zou er nog in kunnen komen wanneer je het iemand dwingen tot het dragen van gezichtsbedekkende kleding strafbaar zou willen stellen.
Bij dit alles moet je je overigens wel afvragen of we het hier wel over slachtoffers hebben? Welke vrouwen dragen in Nederland een boerka (bijna geen) of niqaab (niet meer dan een paar honderd), en waarom doen ze dat? Sommigen zullen het wellicht doen omdat ze moeten van manlijke familieleden, maar naar ik heb begrepen kiest het merendeel er zelf voor, en bestaat een belangrijk deel van de niqaabdragers uit tot de islam bekeerde Westerse vrouwen.
Het stellen van kledingvoorschriften aan vrouwen om ze te beschermen. Dat is ook het argument dat wordt gebruikt in landen waar bedekkende kleding voor vrouwen verplicht is. En ook daar worden de vrouwen gestraft als ze zich niet aan de regels houden, en niet de mannen die door wellust overmand raken. Daar is het een idiote gedachtenkronkel om met kledingvoorschriften vrouwen te beschermen; hier is het dat ook.
Maar waarom is het boerkaverbod dan belangrijk? Omdat we in een open samenleving leven, waarin communicatie heel belangrijk is. Aldus mevrouw Spies.
Ik vind dit, nog afgezien van de discutabele vooronderstelling dat vrouwen in boerka's niet communiceren, een nogal eng argument. Betekent dit dat er een plicht tot communiceren is in de openbare ruimte? Dat ik straks niet alleen door bouwvakkers wordt nageroepen dat ik niet zo chagrijnig moet kijken, maar dat ik er misschien een boete voor kan krijgen omdat dat open communicatie in de weg staat? En wat te denken aan al die mensen die zich volstrekt incommunicabel door de openbare ruimte bewegen omdat hun oren volledig in beslag genomen worden door het geluid uit hun oortjes of koptelefoons? En als je het dan over aantallen Nederlandsers hebt: daar heb je pas echt een probleem te pakken.
Kortom, ik kan geen enkele reden bedenken waarom het boerkaverbod heeeel belangrijk is. Behalve dan om de gedoogpartner tevreden en daarmee de regering in het zadel te houden. En dat is natuurlijk een heel valide argument voor wetgeving waarmee de vrijheid van burgers wordt ingeperkt. Heel belangrijk.
Posts tonen met het label emancipatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label emancipatie. Alle posts tonen
zondag 29 januari 2012
maandag 6 juni 2011
Een andere manier om naar bezuinigingen te kijken
De bezuinigingen vliegen ons om de oren op het moment. Er wordt bezuinigd op zorg, op reintegratie en sociale werkvoorzieningen, op kinderopvang. Veel van de bezuinigingen treffen kwetsbare burgers. Wat mij betreft is het argument dat je de meest kwetsbaren in de samenleving moet ontzien een valide argument. Als er bezuinigd mag worden, dan bij de mensen en de bedrijven die het kunnen opbrengen. Zolang de hypotheekrente-aftrek ongemoeid wordt gelaten is er alle reden om alle bezuinigingen die de economisch minder bedeelden treffen rigoreus van de hand te wijzen.
Naast dit argument van eerlijk delen, solidariteit en medemenselijkheid kun je ook naar de bezuinigingen kijken vanuit een mensenrechtenperspectief.
In tal van internationale verdragen zijn de rechten van de mens vastgelegd, waaronder een groot aantal sociale rechten. Het recht op toegankelijke gezondheidszorg om maar eens wat te noemen; het recht op een dak boven je hoofd; het verbod van discriminatie en de bijbehorende plicht om de positie van vrouwen te verbeteren,....
Veel van de nu aangekondigde bezuinigingen hebben effecten die deze mensenrechten raken. Bijvoorbeeld: het wegbezuinigen van tolken in de gezondheidszorg zal de toegankelijkheid van de zorg verminderen voor iedereen die het Nederlands onvoldoende machtig is. Voor vrouwen die te maken hebben gehad met seksueel geweld, of die bij de dokter komen voor iets op het gebied van de seksuele en reproductieve gezondheid zal dit in nog sterkere mate gelden: dat zijn niet de onderwerpen waarbij je je twaalfjarige zoon laat vertalen.
Nederland is er altijd als de kippen bij om andere landen op hun mensenrechtenverplichtingen te wijzen. Maar ook Nederland is aan deze verdragsverplichtingen gebonden. Dat betekent dat de regering de gevolgen van het gevoerde beleid op deze mensenrechten in kaart zal moeten brengen; en in de besluitvorming zal moeten betrekken. Dat geldt voor al het beleid; ook voor bezuinigingen.
Goede voorbeelden hiervoor zijn er; zo heeft de gemeente Coventry in Engeland een human rights and equality impact assessment laten uitvoeren naar de public budget cuts (zie hier).
Mensenrechten zijn er niet voor de sier. Er is alle reden voor een mensenrechteneffectrapportage op de bezuinigingsplannen van de regering.
Naast dit argument van eerlijk delen, solidariteit en medemenselijkheid kun je ook naar de bezuinigingen kijken vanuit een mensenrechtenperspectief.
In tal van internationale verdragen zijn de rechten van de mens vastgelegd, waaronder een groot aantal sociale rechten. Het recht op toegankelijke gezondheidszorg om maar eens wat te noemen; het recht op een dak boven je hoofd; het verbod van discriminatie en de bijbehorende plicht om de positie van vrouwen te verbeteren,....
Veel van de nu aangekondigde bezuinigingen hebben effecten die deze mensenrechten raken. Bijvoorbeeld: het wegbezuinigen van tolken in de gezondheidszorg zal de toegankelijkheid van de zorg verminderen voor iedereen die het Nederlands onvoldoende machtig is. Voor vrouwen die te maken hebben gehad met seksueel geweld, of die bij de dokter komen voor iets op het gebied van de seksuele en reproductieve gezondheid zal dit in nog sterkere mate gelden: dat zijn niet de onderwerpen waarbij je je twaalfjarige zoon laat vertalen.
Nederland is er altijd als de kippen bij om andere landen op hun mensenrechtenverplichtingen te wijzen. Maar ook Nederland is aan deze verdragsverplichtingen gebonden. Dat betekent dat de regering de gevolgen van het gevoerde beleid op deze mensenrechten in kaart zal moeten brengen; en in de besluitvorming zal moeten betrekken. Dat geldt voor al het beleid; ook voor bezuinigingen.
Goede voorbeelden hiervoor zijn er; zo heeft de gemeente Coventry in Engeland een human rights and equality impact assessment laten uitvoeren naar de public budget cuts (zie hier).
Mensenrechten zijn er niet voor de sier. Er is alle reden voor een mensenrechteneffectrapportage op de bezuinigingsplannen van de regering.
woensdag 13 april 2011
Afschaffen gemeenschap van goederen goed voor vrouwen?
Eind vorig jaar deed Magda Berndsen van D66 het voorstel om ons systeem van huwelijksvermogensrecht om te gooien: niet de gemeenschap van goederen zou de standaard moeten zijn, maar de huwelijkse voorwaarden. In deze tijd van emancipatie waarin we streven naar economische zelfstandigheid van vrouwen en waarin een mens een mens is en geen deel van een paar, is de gemeenschap van goederen achterhaald, vond ze. De regering zegde haar toe haar voorstel te zullen onderzoeken.
Ondertussen kwamen er reacties op het voorstel. Verschillende mensen betoogden dat het afschaffen van de gemeenschap van goederen wel eens heel nadelig zou kunnen uitpakken voor vrouwen, en dan juist voor de vrouwen die om wat voor reden dan ook (nog) niet economisch zelfstandig zijn. Zie onder meer de reactie van E-Quality.
Ik vind het een erg interessante discussie, juist omdat het de kern raakt van veel dilemma's op het gebied van emancipatie en recht: Wat is voor de emancipatie het goede om te doen: wetgeving en beleid vormgeven op basis van een doel dat je wilt bereiken (i.c. het stimuleren van vrouwen om economisch zelfstandig te worden) of kiezen voor de bescherming van de 'zwakkeren' (i.c. diegenen die nog niet economisch zelfstandig zijn)?
Deze week mag ik twee keer over dit thema discussiëren, vanavond bij de Vereniging voor Vrouw en Recht Clara Wichmann, en morgen bij het FemNet van GroenLinks.
Als deze discussies tot diepere inzichten of een oplossing van het eeuwige dilemma leiden, laat ik het hier zeker weten!
Ondertussen kwamen er reacties op het voorstel. Verschillende mensen betoogden dat het afschaffen van de gemeenschap van goederen wel eens heel nadelig zou kunnen uitpakken voor vrouwen, en dan juist voor de vrouwen die om wat voor reden dan ook (nog) niet economisch zelfstandig zijn. Zie onder meer de reactie van E-Quality.
Ik vind het een erg interessante discussie, juist omdat het de kern raakt van veel dilemma's op het gebied van emancipatie en recht: Wat is voor de emancipatie het goede om te doen: wetgeving en beleid vormgeven op basis van een doel dat je wilt bereiken (i.c. het stimuleren van vrouwen om economisch zelfstandig te worden) of kiezen voor de bescherming van de 'zwakkeren' (i.c. diegenen die nog niet economisch zelfstandig zijn)?
Deze week mag ik twee keer over dit thema discussiëren, vanavond bij de Vereniging voor Vrouw en Recht Clara Wichmann, en morgen bij het FemNet van GroenLinks.
Als deze discussies tot diepere inzichten of een oplossing van het eeuwige dilemma leiden, laat ik het hier zeker weten!
zondag 27 februari 2011
Oproep aan feministisch Nederland
Beste feministen,
Ik roep jullie op om bij de provinciale Statenverkiezingen van 2 maart op GroenLinks te stemmen, voor een stevig feministisch geluid in de Eerste Kamer.
Ik sta op plaats 5 van de kandidatenlijst van GroenLinks voor de Senaat. In de huidige peilingen is dat jammer genoeg geen zekere plek. Alle extra steun is daarom welkom. Natuurlijk voor een Groen en Links geluid in de provincies, maar in mijn geval vooral ook om in de Eerste Kamer aandacht te vragen voor emancipatie en diversiteit. Ik beloof jullie dat ik mij daar met hart en ziel voor in zal zetten. Voor economische zelfstandigheid en ontplooiingskansen voor alle vrouwen. Voor een betere verdeling van arbeid en zorg. Voor een blijvende aanpak van alle vormen van gender-gerelateerd geweld. Ik zal aandacht vragen voor de effecten van wetsvoorstellen voor verschillende groepen vrouwen, waar nodig door middel van een Emancipatie-effectrapportage. Ik zal bij het beoordelen van wetgeving het VN-Vrouwenverdrag en andere mensenrechtenverdragen betrekken.
Ik denk dat ik in de Eerste Kamer een duidelijk feministisch geluid kan laten klinken.
Ik hoop dat jullie mij willen helpen om dat te doen.
Door woensdag op GroenLinks te stemmen, al is het maar voor deze ene keer.
En door dit bericht, of een link er naartoe, door te sturen aan al je feministische vrienden en vriendinnen.
Ik roep jullie op om bij de provinciale Statenverkiezingen van 2 maart op GroenLinks te stemmen, voor een stevig feministisch geluid in de Eerste Kamer.
Ik sta op plaats 5 van de kandidatenlijst van GroenLinks voor de Senaat. In de huidige peilingen is dat jammer genoeg geen zekere plek. Alle extra steun is daarom welkom. Natuurlijk voor een Groen en Links geluid in de provincies, maar in mijn geval vooral ook om in de Eerste Kamer aandacht te vragen voor emancipatie en diversiteit. Ik beloof jullie dat ik mij daar met hart en ziel voor in zal zetten. Voor economische zelfstandigheid en ontplooiingskansen voor alle vrouwen. Voor een betere verdeling van arbeid en zorg. Voor een blijvende aanpak van alle vormen van gender-gerelateerd geweld. Ik zal aandacht vragen voor de effecten van wetsvoorstellen voor verschillende groepen vrouwen, waar nodig door middel van een Emancipatie-effectrapportage. Ik zal bij het beoordelen van wetgeving het VN-Vrouwenverdrag en andere mensenrechtenverdragen betrekken.
Ik denk dat ik in de Eerste Kamer een duidelijk feministisch geluid kan laten klinken.
Ik hoop dat jullie mij willen helpen om dat te doen.
Door woensdag op GroenLinks te stemmen, al is het maar voor deze ene keer.
En door dit bericht, of een link er naartoe, door te sturen aan al je feministische vrienden en vriendinnen.
zondag 16 januari 2011
Huiselijk geweld en mannen
Veertig procent van de slachtoffers van huiselijk geweld is man, aldus het nieuwsbericht in de kranten van afgelopen dagen. Daar sta je dan met je jarenlange uitgedragen overtuiging dat huiselijk geweld voor een groot deel gendergerelateerd is. Niets van waar, mannen en vrouwen zijn ongeveer even vaak slachtoffer, het heeft dus niets met rolpatronen of machtsverschillen te maken.
Of toch wel?
De cijfers, en ook de werkelijkheid, zijn minder eenduidig dan het op het eerste gezicht lijkt. Dezelfde krantenberichten melden dat 83% van de plegers van huiselijk geweld man is. Hoe dit met elkaar te rijmen? Betekent dit dat 17% van de mannen wordt mishandeld door hun vrouwelijke partner en 23% door hum mannelijke (homoseksuele partner)?
Hier wreekt zich het gebruik van de term 'huiselijk geweld' als containerbegrip voor alle mogelijke vormen van geweld binnen het gezin, van kindermishandeling tot partnergeweld tot ouder- en ouderenmishandeling. Van lichamelijk geweld tot psychische geweld tot seksueel geweld. In veel opzichten is het goed om het begrip breed te houden, bijvoorbeeld waar het gaat om strafrechtelijke inzet, het kunnen inzetten van het huisverbod, of hulpverlening door de steunpunten huiselijk geweld. Maar waar het gaat om het doorgronden van de (oorzaken van) problematiek, en het ontwikkelen van gerichte preventie-strategieën is het zaak veel preciezer te kijken. Over welke vorm van huiselijk geweld hebben we het? Wat is de achtergrond van het geweld?
Het onderzoek waarop de krantenberichten zijn gebaseerd bevat een groot aantal van die meer specifieke gegevens. Zo wordt er onderscheid gemaakt tussen incidenteel geweld en evident (meer structureel / ernstig) geweld, wordt gekeken wie de plegers van het geweld zijn, en wordt specifiek aandacht besteed aan de meest ernstige vorm van huiselijk geweld, het zogenaamd 'intimate terrorism'. En dan blijkt ook dat sekse nog steeds een onderscheidend criterium is. De brief waarmee de minister van justitie het onderzoek aanbiedt aan de Tweede Kamer laat hier ook geen misverstand over bestaan:
"Ruim twee derde van het evident huiselijk geweld is gepleegd door partners of ex-partners. Vrouwen worden vaker slachtoffer van geweld dat gepleegd wordt door de (ex) partner dan mannen. Mannen worden vaker slachtoffer van geweld dat gepleegd wordt door een broer of een andere persoon in de huiselijke kring. (...) De meest ernstige vorm is een structurele vorm van huiselijk geweld. Het wordt gekarakteriseerd door controle en macht die de dader, meestal de man, uitoefent op het slachtoffer, meestal de vrouw. Een ongelijke machtsverhouding tussen man en vrouw ligt hier aan de basis. Dit type onderscheidt zich duidelijk van de andere lichtere typen van partnergeweld. Ongeveer 20 procent van de daders is onder te brengen in deze groep."
Dat de meest ernstige vorm van huiselijk geweld gendergerelateerd is, betekent overigens niet dat we geen aandacht moeten besteden aan de mannen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld, of dat nu door hun partner of door anderen wordt gepleegd. Ik ben blij dat de minister aankondigt de ondersteuning van mannelijke slachtoffers te willen verbeteren, en de meest ernstige vorm van huiselijk geweld verscherpt aan wil pakken.
Huiselijk geweld heeft te maken met persoonlijke relaties. Relaties waarin al dan niet stereotype genderrollen een grote rol spelen. Een goede aanpak speelt daarop in, en is dus genderspecifiek. Maar niet alleen genderspecifiek: hoe meer maatwerk kan worden geleverd ten aanzien van specifieke groepen daders of slachtoffers, hoe meer effect er van de maatregelen kan worden verwacht. Wat dat betreft is niet alleen meer onderzoek nodig naar de omvang van huiselijk geweld binnen verschillende bevolkingsgroepen, zoals de minister aankondigt (naar aanleiding van het onderzoeksresultaat dat niet-westers-allochtone daders oververtegenwoordigd zijn in de groep daders die met justitie in aanraking komt), maar zal ook de aanpak afgestemd moeten worden aan de achtergronden en behoeften van verschillende groepen. Hetzelfde geldt voor geweld binnen homoseksuele relaties; iets waar het onderzoek geheel aan voorbij gaat.
Meer mannen slachtoffer van huiselijk geweld dan gedacht. Geen reden om de genderspecifieke aanpak overboord te zetten, maar juist om deze te versterken. Ter ondersteuning van mannen en van vrouwen.
Of toch wel?
De cijfers, en ook de werkelijkheid, zijn minder eenduidig dan het op het eerste gezicht lijkt. Dezelfde krantenberichten melden dat 83% van de plegers van huiselijk geweld man is. Hoe dit met elkaar te rijmen? Betekent dit dat 17% van de mannen wordt mishandeld door hun vrouwelijke partner en 23% door hum mannelijke (homoseksuele partner)?
Hier wreekt zich het gebruik van de term 'huiselijk geweld' als containerbegrip voor alle mogelijke vormen van geweld binnen het gezin, van kindermishandeling tot partnergeweld tot ouder- en ouderenmishandeling. Van lichamelijk geweld tot psychische geweld tot seksueel geweld. In veel opzichten is het goed om het begrip breed te houden, bijvoorbeeld waar het gaat om strafrechtelijke inzet, het kunnen inzetten van het huisverbod, of hulpverlening door de steunpunten huiselijk geweld. Maar waar het gaat om het doorgronden van de (oorzaken van) problematiek, en het ontwikkelen van gerichte preventie-strategieën is het zaak veel preciezer te kijken. Over welke vorm van huiselijk geweld hebben we het? Wat is de achtergrond van het geweld?
Het onderzoek waarop de krantenberichten zijn gebaseerd bevat een groot aantal van die meer specifieke gegevens. Zo wordt er onderscheid gemaakt tussen incidenteel geweld en evident (meer structureel / ernstig) geweld, wordt gekeken wie de plegers van het geweld zijn, en wordt specifiek aandacht besteed aan de meest ernstige vorm van huiselijk geweld, het zogenaamd 'intimate terrorism'. En dan blijkt ook dat sekse nog steeds een onderscheidend criterium is. De brief waarmee de minister van justitie het onderzoek aanbiedt aan de Tweede Kamer laat hier ook geen misverstand over bestaan:
"Ruim twee derde van het evident huiselijk geweld is gepleegd door partners of ex-partners. Vrouwen worden vaker slachtoffer van geweld dat gepleegd wordt door de (ex) partner dan mannen. Mannen worden vaker slachtoffer van geweld dat gepleegd wordt door een broer of een andere persoon in de huiselijke kring. (...) De meest ernstige vorm is een structurele vorm van huiselijk geweld. Het wordt gekarakteriseerd door controle en macht die de dader, meestal de man, uitoefent op het slachtoffer, meestal de vrouw. Een ongelijke machtsverhouding tussen man en vrouw ligt hier aan de basis. Dit type onderscheidt zich duidelijk van de andere lichtere typen van partnergeweld. Ongeveer 20 procent van de daders is onder te brengen in deze groep."
Dat de meest ernstige vorm van huiselijk geweld gendergerelateerd is, betekent overigens niet dat we geen aandacht moeten besteden aan de mannen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld, of dat nu door hun partner of door anderen wordt gepleegd. Ik ben blij dat de minister aankondigt de ondersteuning van mannelijke slachtoffers te willen verbeteren, en de meest ernstige vorm van huiselijk geweld verscherpt aan wil pakken.
Huiselijk geweld heeft te maken met persoonlijke relaties. Relaties waarin al dan niet stereotype genderrollen een grote rol spelen. Een goede aanpak speelt daarop in, en is dus genderspecifiek. Maar niet alleen genderspecifiek: hoe meer maatwerk kan worden geleverd ten aanzien van specifieke groepen daders of slachtoffers, hoe meer effect er van de maatregelen kan worden verwacht. Wat dat betreft is niet alleen meer onderzoek nodig naar de omvang van huiselijk geweld binnen verschillende bevolkingsgroepen, zoals de minister aankondigt (naar aanleiding van het onderzoeksresultaat dat niet-westers-allochtone daders oververtegenwoordigd zijn in de groep daders die met justitie in aanraking komt), maar zal ook de aanpak afgestemd moeten worden aan de achtergronden en behoeften van verschillende groepen. Hetzelfde geldt voor geweld binnen homoseksuele relaties; iets waar het onderzoek geheel aan voorbij gaat.
Meer mannen slachtoffer van huiselijk geweld dan gedacht. Geen reden om de genderspecifieke aanpak overboord te zetten, maar juist om deze te versterken. Ter ondersteuning van mannen en van vrouwen.
maandag 29 november 2010
Huwelijkse voorwaarden: de praktijk is zo modern nog niet
Vorige week deed een aantal partijen, waarondeer GroenLinks, het voorstel om voortaan huwelijkse voorwaarden als standaard te nemen voor het huwelijksvermogensregime, in plaats van de gemeenschap van goederen.
Principieel ben ik het hiermee van harte eens.
Wel moet er aandacht besteed worden aan de effecten die een dergelijke maatregel in de praktijk heeft. Waar de praktijk minder modern is dan de ideale wereld, mag het nastreven van onze idealen niet ten koste gaan van vrouwen die zich in een achtergestelde positie bevinden!
Zie ook de opinie van E-Quality, met daarin de terechte opmerking: de praktijk is zo modern nog niet.
Principieel ben ik het hiermee van harte eens.
Wel moet er aandacht besteed worden aan de effecten die een dergelijke maatregel in de praktijk heeft. Waar de praktijk minder modern is dan de ideale wereld, mag het nastreven van onze idealen niet ten koste gaan van vrouwen die zich in een achtergestelde positie bevinden!
Zie ook de opinie van E-Quality, met daarin de terechte opmerking: de praktijk is zo modern nog niet.
dinsdag 14 september 2010
De werkgroep
Ongeveer vanaf het moment dat ik advocaat werd (ja kinderen, dat was in 1989) ben ik lid van de werkgroep seksueel geweld. Een werkgroep van oorspronkelijk alleen en later vooral vrouwelijke advocaten die slachtoffers van seksueel geweld bijstaan, en van wat andere geïnteresseerden. Ondanks alle wisselingen in de organisatie waar de werkgroep een werkgroep van is (achtereenvolgend de landelijke werkgroep vrouw en recht, het Clara Wichmann Instituut en nu de Vereniging voor Vrouw en Recht) draait de werkgroep gewoon door; iedere tweede dinsdag van de maand, van zes tot acht. Met uitwisseling van alle nieuwtjes op het gebied van wetgeving en jurisprudentie, casusbespreking en af en toe een actie richting wetgever, rechtsprekers of instanties zoals de raad voor rechtsbijstand.
Toen ik in 2002 stopte met mijn advocatenpraktijk bleef ik vanuit mijn functie bij het Clara Wichmann Instituut actief lid (zelfs coördinator) van de werkgroep.
Pas in 2006, toen ik op lokaal niveau politiek actief werd, en vrijwel iedere dinsdag moest vergaderen, kwam de klad er in. Sindsdien heb ik weinig werkgroepbijeenkomsten meer bezocht,
Maar vanavond was ik er weer. En gelukkig is er weinig veranderd. Zelfs de helft van de aanwezigen kende ik nog. Nu was ik er vanavond met een doel (ik ga de bestaande jurisprudentiebundel over schadevergoeding na seksueel geweld updaten, en heb daar input van de werkgroepleden voor nodig), maar buiten dat vind ik het weer bijzonder inspirerend. Het is goed om signalen vanuit de praktijk te horen (van officieren van justitie die vorderingen benadeelde partij torpederen tot Oost-Europese 'bruiden' die worden uitgebuit en mishandeld, en het gebrek aan aandacht voor huiselijk geweld bij familierechters), om samen te brainstormen over de meest effectieve manier om de gebrekkige rechtsbijstand aan slachtoffers op de kaart te zetten, of over een manier om de uitsluiting van schade ten gevolge van seksueel misbruik door verzekeringsmaatschappijen aan te pakken.
Ik krijg bijna zin om weer advocaat te worden.
Maar in ieder geval veel zin om weer zo vaak mogelijk werkgroepbijeenkomsten bij te wonen. Hoewel ik nog steeds erg weinig kan op dinsdag......
Toen ik in 2002 stopte met mijn advocatenpraktijk bleef ik vanuit mijn functie bij het Clara Wichmann Instituut actief lid (zelfs coördinator) van de werkgroep.
Pas in 2006, toen ik op lokaal niveau politiek actief werd, en vrijwel iedere dinsdag moest vergaderen, kwam de klad er in. Sindsdien heb ik weinig werkgroepbijeenkomsten meer bezocht,
Maar vanavond was ik er weer. En gelukkig is er weinig veranderd. Zelfs de helft van de aanwezigen kende ik nog. Nu was ik er vanavond met een doel (ik ga de bestaande jurisprudentiebundel over schadevergoeding na seksueel geweld updaten, en heb daar input van de werkgroepleden voor nodig), maar buiten dat vind ik het weer bijzonder inspirerend. Het is goed om signalen vanuit de praktijk te horen (van officieren van justitie die vorderingen benadeelde partij torpederen tot Oost-Europese 'bruiden' die worden uitgebuit en mishandeld, en het gebrek aan aandacht voor huiselijk geweld bij familierechters), om samen te brainstormen over de meest effectieve manier om de gebrekkige rechtsbijstand aan slachtoffers op de kaart te zetten, of over een manier om de uitsluiting van schade ten gevolge van seksueel misbruik door verzekeringsmaatschappijen aan te pakken.
Ik krijg bijna zin om weer advocaat te worden.
Maar in ieder geval veel zin om weer zo vaak mogelijk werkgroepbijeenkomsten bij te wonen. Hoewel ik nog steeds erg weinig kan op dinsdag......
maandag 31 mei 2010
GroenLinkse emancipatiestandpunten
Naast de emancipatie-flyer waar ik gisteren op wees, heeft FemNet ook een overzicht gemaakt van alle emancipatiepunten uit het verkiezingsprogramma. Dat document vind je hier (klik op GroenLinks kiest voor emancipatie)
zondag 30 mei 2010
GroenLinks kiest voor Emancipatie
In het verkiezingsprogramma van GroenLinks is een groot aantal punten opgenomen om de positie van vrouwen in onze samenleving te verbeteren. Emancipatie en diversiteit zijn belangrijke speerpunten van GroenLinks. FemNet heeft de belangrijkste punten uit het verkiezingsprogramma op dit terrein op een rijtje gezet in een flyer. Print hem uit en verspreid hem op de vrouwenbijeenkomsten bij jou in de buurt!
vrijdag 9 april 2010
SGP mag vrouwen niet discrimineren, Vrouwenverdrag heeft rechtstreekse werking
Vanochtend was de definitieve uitspraak in de zaak van onder meer het Proefprocessenfonds Clara Wichmann tegen de Staat over het uitsluiten van vrouwen door de SGP.
En de uitspraak is volstrekt helder. Ik citeer de samenvatting die de Hoge Raad zelf geeft:
De SGP zaak werd in 2003 door het proefprocessenfonds gestart, in de tijd dat ik directeur was van het Clara Wichmann Instituut. Ik heb er toen veel over meegedacht, meegepraat en aan mee-georganiseerd. Het voelt dan ook wel voor een klein beetje als mijn overwinning. Maar het is vooral een overwinning van het recht. Dat heeft gezegevierd.
Graag draag ik de overwinning op aan Elsbeth Boor, in 2003 coördinator van het proefprocessenfonds, en de motor achter deze procedure. Helaas heeft zij de uiteindelijke zege niet mee mogen maken; ze overleed in 2007.
En de uitspraak is volstrekt helder. Ik citeer de samenvatting die de Hoge Raad zelf geeft:
De Hoge Raad heeft beslist dat het VN-Vrouwenverdrag ‘rechtstreekse werking’ heeft. Dat betekent dat burgers, dus ook de eisende partijen, zich op de regels van dat verdrag kunnen beroepen. Dat verdrag verplicht de Staat er effectief voor te zorgen dat vrouwen volwaardig aan politieke partijen kunnen deelnemen. De Staat moet er dan ook voor zorgen dat vrouwen zich via de politieke partijen kandidaat kunnen stellen op kieslijsten. De Staat heeft daarbij in beginsel geen ruimte voor een eigen belangenafweging.
Dit wordt niet anders doordat de SGP haar standpunt baseert op haar godsdienstige overtuiging. Het grondrecht van vrijheid van godsdienst geeft haar weliswaar het recht haar standpunt uit te dragen. Maar in een democratische rechtsstaat mag aan politieke beginselen en programma’s slechts praktische uitvoering worden gegeven binnen de grenzen die wetten en verdragen daaraan stellen, ook als die beginselen godsdienstig of levensbeschouwelijk van aard zijn. Het actief en het passief kiesrecht zijn essentieel voor het democratische gehalte van de vertegenwoordigende organen. Daarom is het onaanvaardbaar dat een politieke groepering bij het samenstellen van kandidatenlijsten in strijd handelt met het grondrecht dat de kiesrechten van alle burgers waarborgt. Dat geldt ook als dit berust op een godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging. Een democratische rechtsorde eist tolerantie ten opzichte van religieuze overtuigingen, maar dat belet niet dat de rechter uitspreekt dat de wijze waarop de SGP bij de kandidaatstelling haar opvattingen in praktijk brengt, niet aanvaardbaar is.
De SGP zaak werd in 2003 door het proefprocessenfonds gestart, in de tijd dat ik directeur was van het Clara Wichmann Instituut. Ik heb er toen veel over meegedacht, meegepraat en aan mee-georganiseerd. Het voelt dan ook wel voor een klein beetje als mijn overwinning. Maar het is vooral een overwinning van het recht. Dat heeft gezegevierd.
Graag draag ik de overwinning op aan Elsbeth Boor, in 2003 coördinator van het proefprocessenfonds, en de motor achter deze procedure. Helaas heeft zij de uiteindelijke zege niet mee mogen maken; ze overleed in 2007.
dinsdag 9 februari 2010
GroenLinks: 33% vrouwelijke lijsttrekkers
Bij GroenLinks zijn 66 van de 199 lijsttrekkers voor de gemeenteraadsverkiezingen vrouw, een score van 33%. Reden voor tevredenheid? In vergelijking met de andere partijen is het een hoge score; alleen de SP zit hoger (35,7%), zo blijkt uit een overzicht van www.zijspreekt.nl. Maar eerlijk gezegd ben ik pas tevreden als we boven de 40% zitten. Dan kun je wat mij betreft zeggen dat de diversiteit naar sekse binnen GroenLinks geen issue meer is of hoeft te zijn.
Hoe het verder met de diversiteit van de gemeenteraadskandidaten zit (etnische achtergrond, leeftijd, handicap bijvoorbeeld) weet ik niet. Mijn inschatting is dat hier ook bij GroenLinks nog wel het een en ander moet gebeuren, maar dat we het ook hier in verhouding met andere partijen relatief goed doen. Meer dan een gevoel is dit niet; wel interessant om eens uit te (laten) zoeken.
In ieder geval maakt GroenLinks er werk van: Groen werkt voor emancipatie en diversiteit!
Hoe het verder met de diversiteit van de gemeenteraadskandidaten zit (etnische achtergrond, leeftijd, handicap bijvoorbeeld) weet ik niet. Mijn inschatting is dat hier ook bij GroenLinks nog wel het een en ander moet gebeuren, maar dat we het ook hier in verhouding met andere partijen relatief goed doen. Meer dan een gevoel is dit niet; wel interessant om eens uit te (laten) zoeken.
In ieder geval maakt GroenLinks er werk van: Groen werkt voor emancipatie en diversiteit!
zondag 20 december 2009
Kostwinners bij GroenLinks
Vandaag heb ik de leden-enquête van GroenLinks ingevuld. Een hoop vragen over wat je belangrijke onderwerpen vindt, en hoe je door de partij het liefst geïnformeerd wilt worden. De vragenlijst werd afgesloten met een aantal vragen naar je achtergrond. Dat begon goed: bij de eerste vraag, naar sekse, kon je invullen: man, vrouw, of anders. Heel vooruitstrevend, heel GroenLinks. (Hoewel, de volgende stap is dat we als GroenLinks niet meer naar sekse vragen, maar daarover wellicht later meer). Even verder ging het wat mij betreft helemaal fout. Gevraagd wordt wat het beroep en de hoogste opleiding van de kostwinner in je huishouden zijn. Hoezo van de kostwinner? Waarom willen ze het beroep en de opleiding van de kostwinner weten, en niet van degene die de enquête invult? Gaat GroenLinks niet uit van het individu?
Toen ik mijn ongenoegen over de vraag via Twitter ventileerde en daarbij de link legde met FemNet, kreeg ik een aantal verbaasde reacties: de vraag naar kostwinners is toch niet vrouw-onvriendelijk; en zowel mannen als vrouwen kunnen toch kostwinner zijn? Ja natuurlijk (ik ben ook kostwinner; dat wil zeggen, ik verdien wat meer dan mijn partner). Maar waar het om gaat is dat je bij het gebruiken van een kostwinnerscriterium het beroep en de opleiding van de minst verdienende partner in een klap als irrelevant wegzet. En dat is wat mij betreft wel zo ontzettend in strijd met alles waar GroenLinks voor staat qua emancipatie en diversiteit.
Ik ga er eigenlijk van uit dat er over de de kostwinnersvraag in de enquête niet is nagedacht: dat het een standaard-marketing vraag is die is overgenomen. Ik hoop tenminste niet dat de vraag expres zo is gesteld.
Maar ik weet eigenlijk niet zo goed waar ik me meer zorgen over moet maken: dat degene die de enquête heeft opgesteld niet doorhad dat het een rare vraag is, of dat GLers die op Twitter reageerden het probleem van de vraag niet zagen.
En zo blijft er het nodige te doen om GroenLinks scherp te houden op emancipatie en diversiteit. En oude boodschappen komen daarbij nog wel eens van pas, zoals die op het affiche van de PSP uit (ongeveer) 1982: Omdat ieder mens er een is, en niet de helft van een stel.
donderdag 19 november 2009
Genderintensifering en de manen van Jupiter

Net terug van een leuke ouderavond op het 4e gymnasium.
Na wat huishoudelijke mededelingen over de ouderbijdrage hield wetenschapsjournalist Koos Neuvel een inleiding onder de titel waarom jongens geen meisjes zijn. Daarbij ging hij in op de vraag waarom meisjes tegenwoordig zoveel beter presteren in het onderwijs dan jongens, of liever gezegd, waarom jongens slechter presteren dan meisjes. Uit onderzoek blijkt dat de feminisering ofwel verjuffing van het onderwijs hier niets mee te maken heeft. De belangrijke oorzaak ligt volgens hem in de genderintensifering. Jongens hebben altijd al de neiging om enigszins lui te zijn, en zich af te zetten tegen instituties als school. Nu meisjes in de afgelopen decennia veel beter zijn gaan presteren op school, leidt dat -in gemengde groepen- tot nog meer luiheid en slechter resteren bij jongens. De groepsdruk tussen jongens (en mannen) zegt dat jongens geen meisjes mogen zijn. En waar leren en presteren steeds meer iets van meisjes wordt, gaan jongens zich er dus meer tegen verzetten, en zich meer macho gedragen (genderintensifering). In niet gemengde groepen zie je dit niet. Daar willen jongens zich best bezig houden met taal, en zelfs zingen en toneelspelen. Voor meisjes maakt het allemaal wat minder uit (als meisje mag je jongensachtig zijn), maar ook voor meisjes zouden ongemengde klassen beter zijn, met name in de exacte vakken.
Interessante lezing; de vraag of je de verschillen tussen de seksen kunt verkleinen door seksesegregatie vind ik een intigrerende.
Na de lezing mochten we op de dak van de school allemaal even door de sterrenkijker kijken, die gericht stond op Jupiter. Heel mooi waren er drie manen te zien.
Daar waar mannen van Mars komen en vrouwen van Venus, is Jupiter misschien wel het symbool van het doorbreken van de rolpatronen. Of probeer ik nu teveel aan elkaar te knopen?
donderdag 5 november 2009
Te zien op de radio
Afgelopen maandag was ik op de radio. Bij OBAlive, een programma dat (in ieder geval op maandag) wordt gemaakt door LLink. Ik mocht daar vertellen over het boek Vrouw en Recht, de beweging, de mensen, de issues. Van deze radio-opnames worden ook video-opnames gemaakt, die op de site worden gezet. Zodat je mij hier op de radio kunt zien.
Er schiet meteen een liedje van Herman van Veen in mijn hoofd: Iemand kleedt zich uit, voor de radio, kijk uit! iemand steelt de show, zonder risico. Maar dat terzijde.
Er schiet meteen een liedje van Herman van Veen in mijn hoofd: Iemand kleedt zich uit, voor de radio, kijk uit! iemand steelt de show, zonder risico. Maar dat terzijde.
maandag 12 oktober 2009
uitnodiging boekpresentatie
Door de uitgever is inmiddels onderstaande uitnodiging verspreid:
UITNODIGING VOOR DE FEESTELIJKE PRESENTATIE VAN
Vrouw en recht
De beweging, de mensen, de issues
Margreet de Boer, Marjan Wijers (red.)
Woensdag 28 oktober, 16.00-18.00 uur
Amsterdam University Press en het Clara Wichmann Instituut organiseren in samenwerking met het academisch-cultureel centrum SPUI25 de presentatie van Vrouw en recht; De beweging, de mensen, de issues.
In de afgelopen eeuw is de rechtspositie van vrouwen sterk verbeterd. Vrouwen hebben kiesrecht, worden niet meer ontslagen wanneer ze trouwen en verliezen dan ook niet meer hun handelingsbekwaamheid (tot 1957 hadden gehuwde vrouwen ongeveer evenveel te zeggen als kinderen). Als je door je man verkracht wordt, kun je daar ook aangifte van doen (tot 1991 was verkrachting binnen het huwelijk niet strafbaar). Er is wetgeving gelijke behandeling, en over het algemeen is er sprake van gelijkheid voor de wet voor mannen en vrouwen. Maar betekent deze gelijkheid op papier ook dat de rechtspositie van vrouwen daadwerkelijk is verbeterd?
Het rechtsgebied vrouw en recht is en blijft in beweging. Nieuwe thema’s dienen zich aan; oude kwesties blijven actueel, of worden dat opnieuw. Het deze dag te verschijnen Vrouw en recht, de beweging, de mensen, de issues wordt uitgegeven vijf jaar nadat het Clara Wichmann Instituut, het expertisecentrum voor vrouw en recht, zijn deuren heeft gesloten.
Het boek geeft door middel van artikelen, interviews en columnachtige essays een doorkijkje in de wereld van vrouw en recht. Daarbij komen vragen aan de orde als: Hebben alle vrouwen werkelijk zeggenschap over hun lichaam, ook waar het gaat om wel of geen seks (seksueel geweld, maar ook sekswerk) of wel of geen kinderen (abortus)? Hoe gelijkwaardig zijn partners in het huwelijk, en in hun ouderschap? Worden arbeid en zorg eerlijk gedeeld, en wordt het werk van vrouwen net zo goed beloond als dat van mannen? Kunnen alle vrouwen wel gebruik maken van hun rechten; ook migranten en vrouwen zonder papieren? Maar ook: Moeten we eigenlijk wel streven naar gelijkheid? Is discriminatie van vrouwen van een andere orde dan die op andere gronden? Moeten we het begrip sekse niet gewoon afschaffen?
Carien Evenhuis zal het eerste exemplaar overhandigen aan Kathalijne Buitenweg.
Margreet de Boer en Marjan Wijers zullen vervolgens in discussie gaan met Kathalijne Buitenweg, Domenica Ghidei en Titia Loenen over het boek en de huidige staat van de rechtspositie van de vrouw. Hierbij zal ook het publiek worden betrokken.
De sprekers:
Carien Evenhuis is voorzitter van de Stichting Clara Wichmann Instituut. Het Instituut is in 2004 gesloten; de Stichting financiert nog enkele projecten, waaronder het boek Vrouw en Recht.
Margreet de Boer en Marjan Wijers waren beiden tot 2004 werkzaam bij het Clara Wichmann Instituut en werken momenteel als zelfstandig onderzoeker op het gebied van vrouw en recht en mensenrechten. Zij hebben het boek Vrouw en Recht samengesteld.
Kathalijne Buitenweg was Europarlementariër voor GroenLinks. Sinds 15 september 2009 is ze voorzitter van het Proefprocessenfonds Clara Wichman, een onderdeel van de vrouw en recht beweging zoals die in het boek wordt besproken.
Domenica Ghidei is lid van de Commissie Gelijke Behandeling, was een van de oprichters van de Vrouwenraad van de Vluchtelingen Organisaties Nederland en is één van de mensen die in het boek Vrouw en Recht wordt geïnterviewd.
Titia Loenen is hoogleraar rechtstheorie met bijzondere aandacht voor gender en recht aan de Universiteit van Utrecht. Zij heeft als extern adviseur meegewerkt aan de totstandkoming van het boek, wordt erin geïnterviewd en heeft erin geschreven over het huwelijk als issue.
Vrouw en recht; De beweging, de mensen, de issues
SPUI25
Woensdag 28 oktober 2009
Aanvang: 16.00 uur
Reservering
De toegang is gratis tenzij anders vermeld. De capaciteit van Spui 25 is beperkt. Voor het bijwonen van bijeenkomst dient u zich dan ook van tevoren aan te melden via www.spui25.nl. Als de zaal vol is ontvangt u bericht. Mocht u verhinderd zijn dan graag afmelden. Adres: Spui 25, 1012 WX Amsterdam.
SPUI25 is een academisch-cultureel centrum dat een verbinding vormt tussen de academische cultuur van de Universiteit van Amsterdam en de wereld van de culturele praktijk in de breedste zin. Initiatiefnemers voor het centrum zijn de Universiteit van Amsterdam (Faculteit der Geesteswetenschappen) en de Amsterdamse Universiteits Vereniging (AUV), met als externe partners uitgeverij Amsterdam University Press (AUP), Athenaeum Boekhandel en het weekblad Vrij Nederland.
Weest allen welkom!
(wel even aanmelden, zie hierboven)
UITNODIGING VOOR DE FEESTELIJKE PRESENTATIE VAN
Vrouw en recht
De beweging, de mensen, de issues
Margreet de Boer, Marjan Wijers (red.)
Woensdag 28 oktober, 16.00-18.00 uur
Amsterdam University Press en het Clara Wichmann Instituut organiseren in samenwerking met het academisch-cultureel centrum SPUI25 de presentatie van Vrouw en recht; De beweging, de mensen, de issues.
In de afgelopen eeuw is de rechtspositie van vrouwen sterk verbeterd. Vrouwen hebben kiesrecht, worden niet meer ontslagen wanneer ze trouwen en verliezen dan ook niet meer hun handelingsbekwaamheid (tot 1957 hadden gehuwde vrouwen ongeveer evenveel te zeggen als kinderen). Als je door je man verkracht wordt, kun je daar ook aangifte van doen (tot 1991 was verkrachting binnen het huwelijk niet strafbaar). Er is wetgeving gelijke behandeling, en over het algemeen is er sprake van gelijkheid voor de wet voor mannen en vrouwen. Maar betekent deze gelijkheid op papier ook dat de rechtspositie van vrouwen daadwerkelijk is verbeterd?
Het rechtsgebied vrouw en recht is en blijft in beweging. Nieuwe thema’s dienen zich aan; oude kwesties blijven actueel, of worden dat opnieuw. Het deze dag te verschijnen Vrouw en recht, de beweging, de mensen, de issues wordt uitgegeven vijf jaar nadat het Clara Wichmann Instituut, het expertisecentrum voor vrouw en recht, zijn deuren heeft gesloten.
Het boek geeft door middel van artikelen, interviews en columnachtige essays een doorkijkje in de wereld van vrouw en recht. Daarbij komen vragen aan de orde als: Hebben alle vrouwen werkelijk zeggenschap over hun lichaam, ook waar het gaat om wel of geen seks (seksueel geweld, maar ook sekswerk) of wel of geen kinderen (abortus)? Hoe gelijkwaardig zijn partners in het huwelijk, en in hun ouderschap? Worden arbeid en zorg eerlijk gedeeld, en wordt het werk van vrouwen net zo goed beloond als dat van mannen? Kunnen alle vrouwen wel gebruik maken van hun rechten; ook migranten en vrouwen zonder papieren? Maar ook: Moeten we eigenlijk wel streven naar gelijkheid? Is discriminatie van vrouwen van een andere orde dan die op andere gronden? Moeten we het begrip sekse niet gewoon afschaffen?
Carien Evenhuis zal het eerste exemplaar overhandigen aan Kathalijne Buitenweg.
Margreet de Boer en Marjan Wijers zullen vervolgens in discussie gaan met Kathalijne Buitenweg, Domenica Ghidei en Titia Loenen over het boek en de huidige staat van de rechtspositie van de vrouw. Hierbij zal ook het publiek worden betrokken.
De sprekers:
Carien Evenhuis is voorzitter van de Stichting Clara Wichmann Instituut. Het Instituut is in 2004 gesloten; de Stichting financiert nog enkele projecten, waaronder het boek Vrouw en Recht.
Margreet de Boer en Marjan Wijers waren beiden tot 2004 werkzaam bij het Clara Wichmann Instituut en werken momenteel als zelfstandig onderzoeker op het gebied van vrouw en recht en mensenrechten. Zij hebben het boek Vrouw en Recht samengesteld.
Kathalijne Buitenweg was Europarlementariër voor GroenLinks. Sinds 15 september 2009 is ze voorzitter van het Proefprocessenfonds Clara Wichman, een onderdeel van de vrouw en recht beweging zoals die in het boek wordt besproken.
Domenica Ghidei is lid van de Commissie Gelijke Behandeling, was een van de oprichters van de Vrouwenraad van de Vluchtelingen Organisaties Nederland en is één van de mensen die in het boek Vrouw en Recht wordt geïnterviewd.
Titia Loenen is hoogleraar rechtstheorie met bijzondere aandacht voor gender en recht aan de Universiteit van Utrecht. Zij heeft als extern adviseur meegewerkt aan de totstandkoming van het boek, wordt erin geïnterviewd en heeft erin geschreven over het huwelijk als issue.
Vrouw en recht; De beweging, de mensen, de issues
SPUI25
Woensdag 28 oktober 2009
Aanvang: 16.00 uur
Reservering
De toegang is gratis tenzij anders vermeld. De capaciteit van Spui 25 is beperkt. Voor het bijwonen van bijeenkomst dient u zich dan ook van tevoren aan te melden via www.spui25.nl. Als de zaal vol is ontvangt u bericht. Mocht u verhinderd zijn dan graag afmelden. Adres: Spui 25, 1012 WX Amsterdam.
SPUI25 is een academisch-cultureel centrum dat een verbinding vormt tussen de academische cultuur van de Universiteit van Amsterdam en de wereld van de culturele praktijk in de breedste zin. Initiatiefnemers voor het centrum zijn de Universiteit van Amsterdam (Faculteit der Geesteswetenschappen) en de Amsterdamse Universiteits Vereniging (AUV), met als externe partners uitgeverij Amsterdam University Press (AUP), Athenaeum Boekhandel en het weekblad Vrij Nederland.
Weest allen welkom!
(wel even aanmelden, zie hierboven)
donderdag 24 september 2009
Bestel ons boek!
Op 28 oktober zal het boek Vrouw en Recht, de beweging, de mensen, de issues gepresenteerd worden. Maar je het is nu al te bestellen bij de uitgever.
Op de site van AUP wordt het met de volgende tekst aangeprezen:
Je kunt hier aangeven dat je op de hoogte gehouden wilt worden van de verschijning.
Op de site van AUP wordt het met de volgende tekst aangeprezen:
Margreet de Boer, Marjan Wijers
Vrouw en recht
De beweging, de mensen, de issues
Vrouw en recht wordt uitgegeven vijf jaar nadat het Clara Wichmann Instituut, het expertisecentrum voor vrouw en recht, zijn deuren heeft gesloten. Het boek geeft door middel van (korte) artikelen, interviews en columnachtige essays een kijkje in de wereld van vrouw en recht. Daarbij wordt ingegaan op de geschiedenis, maar ook actuele thema’s komen aan de orde, evenals de bevlogenheid van mensen die zich sterk maakten en maken voor vrouwenrechten. Het boek is rijk geïllustreerd.
Margreet de Boer en Marjan Wijers waren beiden tot 2004 werkzaam bij het Clara Wichmann Instituut, en werken momenteel allebei als zelfstandig onderzoeker op het gebied van vrouw en recht en mensenrechten.
Je kunt hier aangeven dat je op de hoogte gehouden wilt worden van de verschijning.
vrijdag 11 september 2009
Meer over Femke en de Islam
Simon Otjes schreef vandaag een naar mijn mening nogal demagogische reactie (van dik hout snijdt men planken) op de tamelijk genuanceerde blog van Brechtje, waar ik eerder al (in grote lijnen instemmend) op reageerde.
Het onder ogen zien dat de rechtspositie van vrouwen er in islamitische landen over het algemeen slecht vanaf komt en dat ook in Nederland het islamitisch geloof wordt gebruikt als argument om vrouwen bepaalde vrijheden te ontzeggen is niet hetzelfde als 'de islam als probleem zien' of 'alle moslims over een kam scheren'.
In het debat over vrouwenrechten kun je religie niet negeren; ook de islam niet. In je analyse en in je oplossingen moet je nadenken over de rol van het geloof, net zo goed als je over de rol van de cultuur nadenkt (en vaak zijn deze twee ernstig verweven). En waarom zou je dan wel kritiek op de cultuur-elementen mogen hebben en niet op de geloof-elementen? Is geloof eigenlijk wel iets anders dan cultuur, in de manier waarop het opvattingen en gedragspatronen van mensen bepaalt?
En natuurlijk is 'de islam' niet overal hetzelfde. En nog gelukkiger is er ook binnen de islam en de moslim-gemeenschap steeds meer discussie over de positie van vrouwen in de islam. Moslima's nemen stelling tegen achterstelling van vrouwen, en tegen gebruiken die vaak met een beroep op het geloof worden gerechtvaardigd, zoals meisjesbenijdenis, eergerelateerd geweld en uithuwelijking. Zij betogen dat binnen de islam geen plaats is voor vrouwenonderdrukking. In die strijd verdienen ze onze steun, of ze nu strijden met een hoofddoek op of zonder.
Maar ontkennen dat het geloof of de aan het geloof gekoppelde cultuur een rol speelt is je hoofd in het zand steken.
Zoals gezegd: op de FemNet bijeenkomst van woensdag a.s. maken we graag wat tijd vrij voor deze discussie.
Het onder ogen zien dat de rechtspositie van vrouwen er in islamitische landen over het algemeen slecht vanaf komt en dat ook in Nederland het islamitisch geloof wordt gebruikt als argument om vrouwen bepaalde vrijheden te ontzeggen is niet hetzelfde als 'de islam als probleem zien' of 'alle moslims over een kam scheren'.
In het debat over vrouwenrechten kun je religie niet negeren; ook de islam niet. In je analyse en in je oplossingen moet je nadenken over de rol van het geloof, net zo goed als je over de rol van de cultuur nadenkt (en vaak zijn deze twee ernstig verweven). En waarom zou je dan wel kritiek op de cultuur-elementen mogen hebben en niet op de geloof-elementen? Is geloof eigenlijk wel iets anders dan cultuur, in de manier waarop het opvattingen en gedragspatronen van mensen bepaalt?
En natuurlijk is 'de islam' niet overal hetzelfde. En nog gelukkiger is er ook binnen de islam en de moslim-gemeenschap steeds meer discussie over de positie van vrouwen in de islam. Moslima's nemen stelling tegen achterstelling van vrouwen, en tegen gebruiken die vaak met een beroep op het geloof worden gerechtvaardigd, zoals meisjesbenijdenis, eergerelateerd geweld en uithuwelijking. Zij betogen dat binnen de islam geen plaats is voor vrouwenonderdrukking. In die strijd verdienen ze onze steun, of ze nu strijden met een hoofddoek op of zonder.
Maar ontkennen dat het geloof of de aan het geloof gekoppelde cultuur een rol speelt is je hoofd in het zand steken.
Zoals gezegd: op de FemNet bijeenkomst van woensdag a.s. maken we graag wat tijd vrij voor deze discussie.
Reactie op bestelde blog: Femke en de Islam
Toch leuk, dat je een blog bestelt en dat die er dan een halve dag later ook komt. Gisteren vroeg ik Brechtje via Twitter of ze niet een leuk blog kon schrijven over het interview met Femke, waarin ze zich uitspreekt over vrouwenonderdrukking in de Islam. En zojuist bij het opstarten van de computer: voilá, het gevraagde blog.
Hieronder mijn korte reactie:
En komende woensdag is er een bijeenkomst van het FemNet (16 september, 19 uur, partijbureau). Dan kunnen we het er verder over hebben.
Hieronder mijn korte reactie:
Dank je wel, voor deze blog 'op bestelling'.
Ik ben het met je eens: we mogen en moeten onze ogen niet sluiten voor de vrouwenonderdrukking in 'de Islam'. We moeten daar iets van vinden (vrouwenrechten gaan boven religie, inderdaad), en moeten er vooral ook de discussie over aangaan met vrouwen (en mannen) binnen de Islam.
Wat ik lastiger vind is om dit 1 op 1 te vertalen naar veroordelen van iemand omdat ze een hoofddoek (of wat dan ook) draagt. Gelukkig doet Femke dat in het interview ook niet. Ze zet de individuele rechten van vrouwen daarin voorop, en voegt er aan toe dat zij het liefst ziet dat alle vrouwen hoofddoekloos door het leven gaan. En dat mag ze vinden.
En komende woensdag is er een bijeenkomst van het FemNet (16 september, 19 uur, partijbureau). Dan kunnen we het er verder over hebben.
vrijdag 28 augustus 2009
OPZIJ-prijs voor GroenLinks?

De Tweede Kamerfractie van GroenLinks is genomineerd voor de OPZIJ-emancipatieprijs 2009, voor haar initiatieven op het vlak van emancipatie zoals het vaderverlof.
Je kunt hier op GroenLinks (of desnoods op iemand anders) stemmen. Zegt het voort!!
vrijdag 21 augustus 2009
Wel of geen werkster? (M/V)
Nu de verbouwing is afgerond en ons huis niet meer een grote stoffige bende is, dringt de vraag zich op of we weer iemand moeten zoeken om ons huis schoon te maken. Ik doe naast werk en politiek hier in huis de was, breng meestal de vuilniszakken weg en ik kook zo nu en dan, en dan vind ik het wel mooi qua huishouden. O ja, en 1x per half jaar de ramen (dit weekend moet het hoognodig). CJ doet meestal de boodschappen en stort zich nu en dan op het schoonmaken van wc, douche, keuken en vloeren.
Maar eigenlijk is dat niet genoeg; in ieder geval houden we het niet genoeg bij.
Tijd voor het inschakelen van hulptroepen dus en een hulp in de huishouding te zoeken.
Eerste dilemma daarbij: is het verantwoord om iemand bij je te laten schoonmaken die zonder papieren in Nederland is (illegaal heet dat); om op die manier iemand (vaak met kinderen) te helpen te overleven? Nobel misschien, maar wel strafbaar (voor de werkgever tenminste, niet voor de werknemer). Zeker als volksvertegenwoordiger niet aan te bevelen.
Tweede dilemma: betaal je wit of zwart? Officieel is dat voor de opdrachtgever geen dilemma: zolang iemand niet drie dagen per week bij jou werkt (en zo vies is ons huis nu ook weer niet) dan hoef je als werkgever geen belasting en premies af te dragen; de verantwoordelijkheid voor het betalen van belasting ligt bij de werknemer. Dit dilemma kun je dus met een gerust geweten overslaan.
Volgende vraag: betaal je vakantiegeld, betaal je vakanties door en betaal je ook als je schoonmaker ziek is? Het antwoord moet natuurlijk ja zijn (zie ook de brochure met voorbeeldcontract van de FNV). Maar wel erg ongebruikelijk in de particuliere markt. Waarschijnlijk denkt je schoonmaker in spe dat je van lotje bent als je het aanbiedt. Wat niet betekent dat we het niet moeten doen natuurlijk.
En gaan we dan zelf op zoek naar iemand, of doen we het via een officieel witte werkster bureau (dat dan dus zorgt voor doorbetaling vakantie etcetera, en ook zelf nog wat moet verdienen, dus twee keer zo duur is als een 'losse' werkster).
Kortom, het zal nog wel wat voeten in de aarde hebben voordat ons huis weer spic en span is.
En dan heb ik het nog niet eens over het principiële bezwaar dat ik laatst in een interview met Saskia Poldervaart las (of eigenlijk 2 interviews, zowel in de Volkskrant als in Opzij; zoals zo vaak interviewden deze van de zomer dezelfde persoon. Links naar de interviws kon ik niet vinden, wel naar een discussie op de Opzij-site). Zij betoogde dat feministes geen werkster mogen hebben, omdat dat aangeeft dat zij huishoudelijk werk niet waarderen. En als je een werkster hebt moet je die net zoveel betalen als je zelf verdient, maar eigenlijk moet je het zelf doen. Die redenering snap ik niet. Mij lijkt het dat je huishoudelijke arbeid juist wel waardeert wanneer je er iemand voor betaalt (mits je dat netjes doet, inclusief ziekengeld etcetera). En ik zie eerlijk gezegd niet in waarom huishoudelijk werk geen eigen waarde heeft, maar af zou moeten hangen van het uurloon van de werkgever. Ik zou ook mijn eigen brood kunnen bakken, maar dat laat ik door de bakker doen. En mijn band laat ik door de fietsenmaker plakken. Moet ik de bakker en de fietsenmaker dan ook conform mijn eigen uurloon betalen omdat ik hun werk anders niet serieus neem? Dat lijkt me niet zozeer het feministisch als wel het ouderwets communistisch gedachtengoed. Zeker, huishoudelijk werk moet beter gewaardeerd worden. En de beste manier om dat te doen is volgens mij om het als gewoon werk te beschouwen. Met arbeidsbescherming, misschien zelfs met een CAO. En met een eigen, reële waarde, die samenhangt met de aard van het werk en de vereiste competenties.
Maar van het politieke terug naar het persoonlijke: als iemand nog een goede, legaal in Nederland verblijvende werkster (m/v) in Amsterdam weet die met een netjes contract wil schoonmaken; ik denk dat we binnenkort wel zover zijn.
Maar eigenlijk is dat niet genoeg; in ieder geval houden we het niet genoeg bij.
Tijd voor het inschakelen van hulptroepen dus en een hulp in de huishouding te zoeken.
Eerste dilemma daarbij: is het verantwoord om iemand bij je te laten schoonmaken die zonder papieren in Nederland is (illegaal heet dat); om op die manier iemand (vaak met kinderen) te helpen te overleven? Nobel misschien, maar wel strafbaar (voor de werkgever tenminste, niet voor de werknemer). Zeker als volksvertegenwoordiger niet aan te bevelen.
Tweede dilemma: betaal je wit of zwart? Officieel is dat voor de opdrachtgever geen dilemma: zolang iemand niet drie dagen per week bij jou werkt (en zo vies is ons huis nu ook weer niet) dan hoef je als werkgever geen belasting en premies af te dragen; de verantwoordelijkheid voor het betalen van belasting ligt bij de werknemer. Dit dilemma kun je dus met een gerust geweten overslaan.
Volgende vraag: betaal je vakantiegeld, betaal je vakanties door en betaal je ook als je schoonmaker ziek is? Het antwoord moet natuurlijk ja zijn (zie ook de brochure met voorbeeldcontract van de FNV). Maar wel erg ongebruikelijk in de particuliere markt. Waarschijnlijk denkt je schoonmaker in spe dat je van lotje bent als je het aanbiedt. Wat niet betekent dat we het niet moeten doen natuurlijk.
En gaan we dan zelf op zoek naar iemand, of doen we het via een officieel witte werkster bureau (dat dan dus zorgt voor doorbetaling vakantie etcetera, en ook zelf nog wat moet verdienen, dus twee keer zo duur is als een 'losse' werkster).
Kortom, het zal nog wel wat voeten in de aarde hebben voordat ons huis weer spic en span is.
En dan heb ik het nog niet eens over het principiële bezwaar dat ik laatst in een interview met Saskia Poldervaart las (of eigenlijk 2 interviews, zowel in de Volkskrant als in Opzij; zoals zo vaak interviewden deze van de zomer dezelfde persoon. Links naar de interviws kon ik niet vinden, wel naar een discussie op de Opzij-site). Zij betoogde dat feministes geen werkster mogen hebben, omdat dat aangeeft dat zij huishoudelijk werk niet waarderen. En als je een werkster hebt moet je die net zoveel betalen als je zelf verdient, maar eigenlijk moet je het zelf doen. Die redenering snap ik niet. Mij lijkt het dat je huishoudelijke arbeid juist wel waardeert wanneer je er iemand voor betaalt (mits je dat netjes doet, inclusief ziekengeld etcetera). En ik zie eerlijk gezegd niet in waarom huishoudelijk werk geen eigen waarde heeft, maar af zou moeten hangen van het uurloon van de werkgever. Ik zou ook mijn eigen brood kunnen bakken, maar dat laat ik door de bakker doen. En mijn band laat ik door de fietsenmaker plakken. Moet ik de bakker en de fietsenmaker dan ook conform mijn eigen uurloon betalen omdat ik hun werk anders niet serieus neem? Dat lijkt me niet zozeer het feministisch als wel het ouderwets communistisch gedachtengoed. Zeker, huishoudelijk werk moet beter gewaardeerd worden. En de beste manier om dat te doen is volgens mij om het als gewoon werk te beschouwen. Met arbeidsbescherming, misschien zelfs met een CAO. En met een eigen, reële waarde, die samenhangt met de aard van het werk en de vereiste competenties.
Maar van het politieke terug naar het persoonlijke: als iemand nog een goede, legaal in Nederland verblijvende werkster (m/v) in Amsterdam weet die met een netjes contract wil schoonmaken; ik denk dat we binnenkort wel zover zijn.
Abonneren op:
Posts (Atom)
